Geen artikelen
Zoek
Paarden Infotheek V-Z veulenworm

veulenworm

(Strongyloïdes westeri):

Route van besmetting:
Een veulen besmet zich voor het eerst met larven van de veulenworm door melk te drinken bij de merrie. Vervolgens vindt er vermeerdering van de worm plaats in het veulen en komen er veel larven in de veulenmest terecht. Doordat het veulen mondcontact heeft met o.a. zijn eigen mest, besmet het veulen zich opnieuw. De larven dringen namelijk door het mondslijmvlies van het veulen het lichaam binnen.
 
Symptomen:
Wanneer het veulen in contact komt met heel veel larven, we noemen dit een hoge infectiedosis, kunnen veulens soms heel ziek worden. Klachten variëren van (soms zeer heftige) diarree, koliek, sloomheid, slecht drinken bij merrie en koorts.
 
Preventieve maatregelen:
Om te voorkomen dat veulen sziek worden door veulenworm is goede stalhygiëne van (levens)belang.  dagelijks de mest van de merrie en vooral het veuloen verwijderen zorgt voor een veel lagere infectiedosis en verkleind sterk de kans dat het veulen ziek wordt van veulenworm.

Standaard ontworming  niet nodig:
Het ontwormen van een veulen op 1 week leeftijd is vrijwel nooit nodig. Bij aanhoudende klachten van diarree, zonder dat het veulen een zieke indruk maakt, kan ontwormen wel zinvol zijn. Wij adviseren ook altijd mestonderzoek te doen omdat dit een indruk geefrt van de ernst van de besmetting.
 
Geen zichtbare wormen in de mest is géén garantie voor een
worm-vrij paard. Kijk ook eens bij mestonderzoek!